Factsheet duurzaam beton in tunnels

Uit Duurzaam Beton
Ga naar: navigatie, zoeken

Toelichting

Criteria


1 Milieubelasting rekening houdend met de gehele levenscyclus van de tunnel (aanleg, gebruiksperiode en sloop/hergebruik).

1.1 Uitwerking

Milieubelasting aan te tonen voor:

a. Constructie (materialen en de bouw)

b. Onderhoud tijdens gebruiksfase (incl. maatschappelijke kosten door niet beschikbaarheid tijdens onderhoud/ reparatie – denk ook aan het schoon blijven van de constructiedelen.

c. Gebruiksfase op basis van de technische levensduur

d. Ontwerp dient rekening te houden met verkeersdoorstroming tijdens aanleg en korte bouwtijd.

e. Sloopfase, d.w.z. dat materialen worden teruggewonnen en weer inzetbaar als grondstof in de keten.

Te gebruiken instrumenten:


- CROW-afwegingsmodel voor wegen

- DuboCalc (LCA meetlat voor aanbesteding incl. MKI )

- Nationale Milieudatabase (NMD)

- Levenscyclus Kostenanalyse (LCCA)

- Total Cost of Ownership (TCO), want een duurzame tunnel vergt minder onderhoud, gaat langer mee en dat leidt per saldo tot lagere gekapitaliseerde kosten. Tevens lagere maatschappelijke kosten (minder files).


1.2 Kantekeningen


1. De berekende milieubelasting dient te zijn gebaseerd op getoetste informatie over de milieuaspecten van een bouwmateriaal, bouwproduct of bouwelement dat op initiatief van de producent of diens vertegenwoordiger (bijvoorbeeld de branchevereniging) via een milieugerichte levenscyclusanalyse (LCA) is opgesteld (conform NEN 8006 dan wel NEN-EN 15804).

2. In LCA –termen wordt het hergebruik van o.a. beton nog beperkt gewaardeerd. Desondanks is het maatschappelijk gewenst dat ketenbeheer en een circulaire economie worden bevorderd. Dat betekent dat het gebruik van secundaire materialen (o.a. betongranulaat) en ook de mate waarin daarbij gebruik wordt gemaakt van ‘urban mining ’ een duidelijke waardering dient te krijgen in het aanbestedingstraject. De mate waarin het project invulling geeft aan ‘circulaire economie’ zal tot uiting moeten komen.

3. Beton heeft een zeer lange technische levensduur (gemiddeld 100 jaar –plus) en behoeft geen of nauwelijks onderhoud.

4. Met betrekking tot het voorgaande kunnen (verdiepte) tunnel-bakwanden bijvoorbeeld voorzien worden van zelfreinigend beton (bijv. TiO in betonmengsel). Dit mengsel kan via foto-katalyse ook bijdragen aan NOx-vermindering (uitlaatgassen) in de atmosfeer.

5. De grondstoffen voor beton bestaan uit natuurlijke, regionaal of lokaal gewonnen en verwerkte materialen met relatief korte transportafstanden, t.w. zand, grind, water en bindmiddel (cement). In Nederland bevindt zich binnen ca.20 km altijd wel een betonmortel-centrale. De korte transportafstanden zijn niet alleen gunstig voor het milieuprofiel van betonmortel, maar bevorderen ook de lokale werkgelegenheid.

6. Het productieproces van prefab-elementen (hier tunneldelen) gebruikt in de regel meer klinkerrijke cementen (Portland – CEM I) dan in het werk gestort (betonmortel – hoogoven CEM III). Daar waar mogelijk verdienen klinkerarme cementen de voorkeur omdat cement verantwoordelijk is voor het grootste deel van de milieubelasting van beton en CEM I per eenheid product ca. 3 maal meer CO2 emitteert dan CEM III. Daarom dient bij het ontwerp de milieubelasting te worden bepaald en te worden betrokken bij het ontwerp en de uitvoering.


2 Verantwoorde herkomst van grondstoffen

2.1 Uitwerking

a. Aantonen in welke mate de gebruikte grondstoffen deel uitmaken van een gesloten kringloop

b. Inzetten van regionaal/lokaal beschikbare grondstoffen waaronder ook “insitu-hergebruik” (o.a. gebruik maken van grondstoffen die vrijkomen bij bouwwerkzaam-heden en urban-mining)

c. Transportafstand en schone/efficiënte logistiek

d. Bij het gebruik van primaire grondstoffen mogen slechts grondstoffen worden gebruikt die aantoonbaar een bijdrage leveren aan de verbetering van de leefomgeving (gebiedsontwikkeling) en/of het ecosysteem.

2.2 Kantekeningen

1. Beton is 100% recyclebaar

2. Primaire en secundaire grondstoffen en additieven mogen een tweede en volgend hergebruik van beton niet in de weg staan.


3 Actieve en passieve (tunnel)veiligheid

3.1 Uitwerking

a. Lichteffecten (reflectie) zowel bij dag- als nachtomstandigheden. Verkeersveiligheid en beperking energiegebruik voor verlichting door gebruik van (kleur)lichte materialen

b. Constructiematerialen dienen hun mechanische eigenschappen voldoende lang te behouden onder extreme omstandigheden (o.a. brand van (tank)auto’s) en mogen zelf ook niet als brandstof functioneren, zoals bij bitumen in asfalt.

c. Ontwerp weg(dek) dient te worden geoptimaliseerd zodanig dat gelekte vloeistoffen (chemicaliën en brandstoffen) bij incidenten niet of slechts in beperkte mate bijdragen aan de ernst van het incident

3.2 Kanttekeningen

1. Bij het ontwerp van een tunnel, inclusief de gebruikte materialen, dient rekening te worden gehouden met verkeersveiligheid en ongevallen.

2. Een betonnen wegdek is relatief licht qua kleur. Beton heeft een hoge mate van reflectie van wanden en wegdek, ook onder natte(regenachtige) omstandigheden)

3. Beton brandt niet en kan qua mengselsamenstelling zo worden uitgevoerd dat explosive spalling (spatten door hoge vuurbelasting) kan worden voorkomen.

4. Een betonnen wegdek kan zo worden uitgevoerd dat (an)organische vloeistoffen in geval van verkeerscalamiteit kunnen wegvloeien en niet bijdragen aan de ernst van een incident.


4 Verantwoorde toeleveranciers

4.1 Uitwerking

a. Toeleveranciers moeten beschikken over een certificaat of keurmerk (getoetst door derden), waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de basisprincipes van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) en het ingezette beleid t.a.v. de verbetering van arbeidsveiligheid, CO2 en inzet van secundaire grondstoffen.

b. Of gelijkwaardigheid t.o.v. a.

4.2 Kanttekeningen

Een belangrijk deel van de producenten van betonmortel beschikken over het keurmerk Beton Bewust. De eisen, vastgelegd in een branchemeetlat, worden met regelmaat afgestemd op de input van de stakeholders. De eisen hebben niet alleen betrekking op planet maar ook op people en profit, waaronder arbeidsomstandigheden, arbeidsveiligheid, integriteit en klantgerichtheid. Betonbewust keurmerkhouders zijn in het kader van de CO2-prestatieladder van SKAO erkend als zogenoemde A-leveranciers in trede 5 van de ladder.

5 Biodiversiteit

5.1 Uitwerking

a. Het ontwerp en de gebruikte bouwmaterialen dienen rekening te houden met de aanwezige biodiversiteit en de ontwikkeling daarvan te bevorderen. Bijv. ruimte voor planten en insecten.

5.2 Kanttekeningen

1. Uit recent onderzoek blijkt de door de mens veroorzaakte CO2 emissie voor ca. 80% bijdraagt aan de afnemende biodiversiteit.


6 Ketensamenwerking

6.1 Uitwerking

a. Partijen dienen in het begin van het proces als keten met elkaar in contact te treden om ontwerp en uitvoering te kunnen optimaliseren. Partijen dienen hun rol in de keten te kunnen duiden en vooraf duidelijk te maken waar en met wie afstemming dient plaats te vinden om te kunnen bijdragen aan de ketensamenwerking. Dit vanuit het uitgangspunt dat verduurzamen, en met name circulariteit, uitsluitend goed kan worden ingebed door samenwerking in de keten.

b. Total cost of ownership: tunnelvariant mede selecteren op basis van kosten over levenscyclus

6.2 Kanttekeningen

1. Een LCCA dient te worden betrokken bij de keuze van het uit te voeren ontwerp, waaronder ook de maatschappelijke kosten en milieubelasting in relatie met filevorming door beperkte beschikbaarheid van het tracé.

a. Betonverhardingen zijn bestand tegen alle weersomstandigheden (afwezigheid van vorstschade)

b. Een doorgaand gewapend betonweg heeft een lange gebruikslevensduur, minimaal 50 jaar.


7 Innovatie

7.1 Uitwerking

a. Innovatie en optimalisatie in omgeving van eerlijke competitie, d.w.z. onderscheidend vermogen dient te worden gestimuleerd in het kader van EMVI.

b. Beton is het meest gebruikte bouwmateriaal op aarde. Bedrijven in de betonketen kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan het verduurzamen van de voorraad aan gebouwen en infrastructuur en tegelijkertijd de eigen materiaal gebonden milieueffecten nog verder verminderen. Reden waarom in Nederland er een Green deal Beton is gesloten. De Green Deal heeft als einddoel een 100 % duurzame betonketen in 2050. In 2012 is deze ambitie uitgewerkt in een definitiedocument. Voor de korte termijn zijn de eerste afspraken (“Concreet 1.0”) al onderling gemaakt.


7.2 Kanttekeningen

1. In hoeverre wordt voldaan aan 10 criteria van Concreet 1.0 en de aanzet voor Concreet 2.0: a. Innovatieve recycling van beton via slim breken / ADR b. Innovatieve bindmiddelen met bewezen performance (bijv. geopolymeren en daarmee lagere carbonfootprint) c. Inzet CSA cement met relatief lage carbon footprint d. Optimalisatie korrelverdeling t.b.v. minder bindmiddel

2. In welke mate wordt ingespeeld op groene ontwerpmaatregel-en zoals recent voorgesteld door de Stufib-Stutech studiecel ‘Duurzaamheid beton en betonconstructies’ – te beoordelen op basis van carbon footprint: 2.1. slow concrete = rekenwaarde bij 56 of 91 dagen, 2.2. verlenging gebruiks-/levensduur, 2.3. minder en/of aangepast bindmiddel, 2.4. hogere betonsterkte: slanker bouwen (minder volume) 2.5. staalvezelbeton versus traditioneel gewapend beton 2.6. idem gewapend versus voorgespannen beton, 2.7. prefab versus ter plaatse gestort (klinkergehalte cement)


Minimum eis

MKI score / Cur-tool score

EMVI voorbeeld

Duurzaam groen beton De inschrijver dient ter onderbouwing van de EMVI-criteria een duurzaamheidsplan voor beton in te dienen. De diepgang en uitwerking dient voldoende te zijn om een objectieve beoordeling en waardering te kunnen geven. De informatie in het duurzaamheidsplan voro beton dient te zijn vertaald naar SMART eisen (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden). Het duurzaamheidsplan voor beton dient ten minste te omvatten: a) Een beschrijving van de wijze waarop en de mate waarin optimaal gebruik van beton wordt bereikt; b) Een beschrijving van de wijze waarop en de mate waarin optimaal (her)gebruik van beton wordt bereikt (nu en in de toekomst), waarbij hergebruik van beton in beton hoger wordt gewaardeerd dan downcycling; b) Een beschrijving van de wijze waarop CO2 wordt gereduceerd door het toepassen van duurzaam groen beton; e) Een onderbouwing van de maatregelen met de Ontwerptool Groen Beton

Tips

Top 10 projecten in Nederland

1 Rotterdamse tunnel